· 

Thailand, wij blijven fan!

We plannen tussen Kanchanaburi en het noordelijke Chiang Mai een tussenstop in Sukhothai. In deze voormalige hoofdstad van Thailand liggen enkele schitterend bewaarde tempels vol imposante buddhabeelden. Het is een minder toeristische plek en dus heb je het domein haast voor jezelf. Naast de geschiedenis heeft de stad weinig te bieden, maar ik ben wat ziek en dus moeten we ons verblijf noodgedwongen verlengen.


Twee dagen later dan verwacht bereiken we de tweede grootste stad van het land, Chiang Mai. De stad is omwille van zijn rustige karakter anders dan de meeste Aziatische grootsteden en is daardoor erg geliefd bij toeristen. En hoewel de belangrijkste tempels ons niet meteen omverblazen, beleven we er toch een aantal unieke ervaringen. Te beginnen met ons bezoek aan het Art in Paradise 3D museum waarin we ons voor een viertal uur opsluiten. 

 

Als kunst tot leven komt

 

De schilderijen die je hier vindt, komen qua kunstwaarde niet eens in de buurt van een doordeweekse Picasso of Magritte, maar torenen er qua originaliteit ongetwijfeld bovenuit en zorgen voor uren interactief plezier. Want met behulp van een app tover je de schilderijen tot leven en sta je plots tussen knappende haaien, brullende dinosaurussen en agressieve krokodillen. Reeds bij de eerste verfspat voelen we ons als kinderen in een speeltuin. Want wat is er leuker dan het kind in jezelf vrij te laten en ongegeneerd onnozel te doen?! Dus kruipen we in een fles, vluchten voor gevaarlijke dieren en lachen onze buikspieren stram. 

 

De wilde jungle, het oude Egypte, het romantische Italië, … De twee grote verdiepingen leiden je door verschillende thema’s die stuk voor stuk levensecht zijn vormgegeven. En aan het einde van het bezoek wacht er nog een verrassing van formaat. Een volledige stad is tot in de details in Lego nagebouwd. Een kazerne, treinstation, Mc Donald’s, … Je vindt er zelfs de typische Aziatische en Thaise elementen zoals een 7/11, een avondmarkt en tuktuks. Bovendien simuleren ze de dagen. Dat wil zeggen dat de lichtjes in het dorp aangaan als het donker wordt en dat de stad bij het kraaien van de haan terug ontwaakt. Wauw. Dit museum staat synoniem voor enthousiasme, plezier en creativiteit. Deze plek maakt ons in één klap twintig jaar jonger. 


Het geslacht 6ixcret

 

Maar zodra de avond buiten het museum valt, verkennen we een volwassener Chiang Mai. In een kleine bar nemen we plaats voor het podium. Wanneer het doek opent, vallen de spots op drie schaarsgeklede dansers/danseressen. Die smijten zich volledig en zetten de tent van bij de eerste seconde op zijn kop. Hun show is aanstekelijk en de afwisseling tussen dansacts en playback nummers verveelt geen moment. Liedjes waaronder ‘I will survive’ vormen ons collectief geheugen, maar dat betekent niet dat ze de songteksten hier correct kunnen imiteren. Hun lippen komen niet overeen met de lyrics en bij de langere noten blijven hun lippen eindeloos lang en opvallend trillen. Maar het gebrek aan professionalisme maakt hier geen bal uit. Hun optreden is gewoonweg hilarisch. 

 

Je hebt ongetwijfeld al lang door dat we getuige zijn van een ladyboy show. Ladyboys vormen in Thailand geen taboe. Zo zou 1 op de 170 geboren jongens hier uiteindelijk zijn geslacht in vraag stellen en bekleden zij in het dagelijkse leven vaak voorname en hoogstaande functies. Toch schrik ik me rot als ze zich in de zaal tussen het publiek begeven en me recht in de ogen aanstaren. Hun metamorfose is onvoorstelbaar. Bij sommigen zijn we er uren na de show nog steeds niet van overtuigd of het nu toch een man of een vrouw was. Hun taille, vrouwelijke gezicht en de gave om zo enthousiast overeind te blijven op de hoogste hakken zetten je de hele tijd op het foute been. Het is plots begrijpelijk dat mannen zich in dit land compleet kunnen mispakken tijdens een date en uiteindelijk teleurgesteld of geschrokken hun kamer uitvluchten om nadien nooit nog een woord over hun afspraakje te reppen.

 

Maar hun gestalte lijkt een goede waardemeter te zijn. Deze halfvrouwen zijn stuk voor stuk een stuk groter dan mij. Dat ondervinden we als we hen na de show volgen op de dansvloer. Want zelfs wanneer hun officiële optreden voorbij is, blijven ze de show stelen en breien ze een verlengstuk aan hun act. De dansvloer is van iedereen en vanaf dan is alles mogelijk. Ze wisselen kledingstukken uit met het publiek en schuren hun lichamen tegen iedereen aan. Een van de dames knielt zelfs voor me om haar ring om mijn vinger schuiven. Gelukkig wringt Eline zich er tijdig tussen en kan ze het huwelijk ontbinden voor het effectief heeft plaatsgevonden. Deze avond was er eentje uit de duizend en op de terugweg naar het hotel blijven deze 6ixcret dames en hun aanstekelijke vibe het onderwerp van gesprek. 


Under my umbrella

 

Dit weekend vindt in Bosang het jaarlijkse Umbrella Festival plaats. Het dorp ligt op dertien kilometer van de stad en dus overtuigen we een verhuurder dat we daar effectief met de fiets naartoe willen. Het lijkt voor hem alsof we naar de andere kant van de wereld trekken en hij moet recupereren van het idee op zich. Maar nadien zullen we begrijpen waarom hij dit zo’n moedige onderneming vindt. Want zijn felgele stadsfietsen zien er splinternieuw en blitz uit, maar je moet verdomd wat power in de benen hebben om er vaart mee te maken. Het lijkt alsof onze remmen de hele rit dichtgeknepen blijven en de blakende zon doet onze spieren branden. Dertien luttele kilometers doen ons meer dan een uur lang puffen en zwoegen. 

 

We zijn net op tijd voor de namiddagparade. Meisjes fietsen met een paraplu of parasol in de hand door het dorp en zullen zich de komende drie dagen in de kijker rijden op zoek naar de begeerde titel van Miss Umbrella. Het hele dorp is versierd met mooie en grote paraplu’s en waaiers. In het Umbrella Making Center tonen ze het volledige productieproces van deze papieren paraplu’s die wereldwijd bekend zijn. Het uitwerken van de houten handvaten, het maken van het papier, het knutselen aan het raster tot het schilderen van een origineel motief. Alles gebeurt met de hand en het resultaat is verbluffend. Wie uiteindelijk het kroontje bemachtigt en een jaar lang de ambassadrice van deze ambacht wordt, weten we niet. Maar het kleurrijke festival was alleszins een leuke activiteit. 


Kamiel 

 

We ruilen de fietsen in voor een scooter en trekken voor zes dagen de bergen in. De Mae Hong Son loop is een bekende motorroute door de dunst bevolkte provincie van Thailand en dankt zijn faam vooral aan de 4000 uitdagende bochten op het 600 kilometer lange traject. Voor ons vertrek onderwerpen we onze bolide aan een grondige inspectie. Want in Zuid-Oost Azië hoor je de wildste verhalen van toeristen over malafide verhuurkantoren. Die proberen je onterecht verantwoordelijk te stellen voor de kleinste krassen op hun carrosserie en hopen op die manier jouw waarborg te kunnen opeisen. Dus nemen we ter voorbereiding verschillende foto’s als tegenbewijs.

 

Kamiel, zoals we onze Honda 125cc noemen, kent een turbulent verleden. Net als op de bijgeleverde helmen is het lang zoeken naar een plek zonder littekens. We willen ons beter indekken en informeren naar een diefstalverzekering. We weten immers dat sommige bedrijven de moto’s traceren en ’s nachts stelen om jou nadien voor het verlies te laten opdraaien. Maar verzekeren is geen optie. Om de simpele reden dat deze voertuigen niet eens ingeschreven zijn en  dus illegaal door het land bollen. In ons contract is er wel een vermelding dat bij een overlijden na een ongeval 1500 baht schadevergoeding wordt betaald. Dat is amper 45 euro…


Geflikt door de flikken

 

We zijn de stad nog niet uit of een politieblokkade dwingt ons aan de kant. We parkeren tussen drie andere scooters en voelen de bui hangen. Andere reizigers hadden ons eerder ingelicht over de corrupte politie die enkel toeristen viseert. Ik toon mijn internationaal rijbewijs aan de officier, maar die merkt uiteraard op dat er enkel een stempel bij een auto staat. Zijn vinger wijst streng naar het kruis naast de brommer waarmee hij bedoelt dat ik de Thaise wet overtreed. Kamiel is met zijn 125cc immers geen scooter, maar een volwaardige brommer en daar mag ik in principe niet mee op de baan. 

 

“500 baht en we laten je drie dagen gerust”, klinkt het. Dat is belachelijk. Dus als we betalen, mogen we de wet drie dagen lang overtreden zonder nieuwe boete? Hier gaan we niet mee akkoord. Bovendien hebben we de moto voor zes dagen en willen we geen tweede keer met deze scam geconfronteerd worden. Dus moeten we onderhandelen en halen daarbij alle truken van de foor boven. We houden ons een tijdje van de domme en doen alsof we geen woord begrijpen. Maar het is een volhouder en hij blijft zijn straf herhalen. Dus stellen we onze strategie bij en proberen hem voor te liegen dat dit rijbewijs thuis wel volstaat voor een dergelijke brommer. Geen succes. Intussen is het voltallige korps van zes agenten rond ons verzameld en blijven ze onwrikbaar. We raken gefrustreerd en verheffen onze stem, maar zelfs assertiviteit brengt hier geen zoden aan de dijk. Pas wanneer we na dertig minuten discussiëren onze onderlip wat laten trillen en ons zielig opstellen, forceren we een doorbraak. 

 

De flikken geflikt

 

De agent schrijft in het Thais een kleine nota op de boete. Daarin vermeldt hij dat we ons na zes dagen voor een betaling moeten aanbieden op het politiekantoor in de stad. We knikken instemmend en om onze geloofwaardigheid kracht bij te zetten, informeren we nog even schijnheilig naar het adres van het kantoor. Maar in die buurt zullen ze ons absoluut niet zien. We lappen het voorstel aan onze laars en houden de boete enkel bij als souvenir. Want dit is louter een corrupte klucht. Iedere dag stoppen ze scooters en verdelen ’s avonds onderling het geld van bedrogen toeristen. En dat terwijl er op hetzelfde moment honderden lokale mensen zonder helm en zonder rijbewijs passeren. 

 

Het gevoel van onrechtvaardigheid zindert nog even na maar zodra we de bergen ontmoeten, vergeten we alles. Het asfalt zoemt onder de wielen en we genieten van de prachtige weg door de bosrijke omgeving. Al vergt de route een opperste concentratie. Op weg naar de stad Pai wachten er welgeteld 762 scherpe bochten. Daar aangekomen stappen we kreupel van het zadel. We, en daarmee bedoel ik vooral onze konten, zijn het duidelijk niet gewoon om zolang op een motor te zitten. 


No No No Daytour

 

We verblijven twee dagen in Pai. En dat is ruim voldoende want de trekpleisters zijn naar onze bescheiden mening overroepen. De Pai Canyon, die in recensies als kleine broer van de Grand Canyon wordt geroemd, is ronduit lachwekkend. De zwemvijver bij de Pambok Waterfall is enkel onder een vergrootglas terug te vinden en de zonsondergang bij de half vernielde witte buddha is de klim naar de top van de berg niet waard. Nochtans maken deze stops alledrie onderdeel uit van de Wow Wow Wow Daytour van Pai. Voor ons is het eerder een No No No Daytour en het doet ons besluiten dat ze hier wel heel losjes omgaan met het begrip verwondering. 

 

Want hoewel Pai bekend staat als een magneet voor backpackers, begrijpen wij de aantrekkingskracht van dit bergdorp niet. Het leven is er niet authentiek en alles lijkt puur op toerisme afgestemd. Thaise inwoners vind je nergens. Hippies runnen daarentegen overduidelijk de business. In die mate dat je je zonder dreadlocks, lange baarden, abstracte kleren of opzichtige tattoos bijna een etnische minderheid waant. Velen van hen blijven hier een maand of langer hangen omdat de sfeer er ‘relaxed’ zou zijn en er een ‘leuke vibe’ zou hangen. 


‘High’ in Pai

 

Wij waren ook best benieuwd wat die twee termen betekenen. Dus trekken we na zonsondergang naar een hostel aan de rand van de stad. Het domein is groot en pikkedonker, maar in het midden van een akker vinden we enkele groepen rond kampvuren. Het koelt hier ’s avonds flink af en we mengen ons op zoek naar warmte onder hen. ‘We eten, smoren, drinken, slapen en herhalen de cyclus van voor af aan’, vat de Israelische Or het relaxte leven in Pai perfect samen. We staren een tijdlang in stilte naar iedereen die hier onderuit gezakt het midden houdt tussen leven en dood. Ondertussen verdwijnen we in een walm van wiet en struikelen over lege bier- en wodkaflessen. 

 

En wat kan je best doen als je volledig bedwelmd bent? Een fireshow starten uiteraard! Veiligheidsvoorschriften en ordediensten zijn er niet en het Medicine Circus, dat is samengesteld uit amateur artiesten, voert zijn halsbrekende toeren niet zonder fouten en gevaren uit. Maar dat maakt hun entertainment niet minder spectaculair. Brandende fakkels in de lucht smijten, dansen met hoepels in een vlammenzee of acrobatie met vuurspuwers, … Het moet gezegd dat we Pai uiteindelijk toch met een positieve noot verlaten. 


Enjoy the Jooy homestay

 

De weg tussen Pai en Mae Hong Son is een pak rustiger. Nochtans vinden we hier naar ons gevoel het mooiste deel van de route. We klimmen naar hoge bergtoppen en dalen terug steil af over extreem bochtige wegen. De natuur en de vergezichten zorgen de hele dag door voor schitterende beelden. En Mae Hong Son verdient als stad ook zijn pluimen. Centraal ligt een grote vijver in een oase van rust. Een Thai-Birmese tempel vormt samen met palmbomen en bergen een perfecte achtergrond. Bovendien vinden we bij Jooy en haar mama een erg charmante homestay voor nauwelijks twee euro per nacht. 

 

We trekken met Kamiel het hinterland rond Mae Hong Son in en parkeren ons in het midden van een groene omgeving bij een rivier. We zitten op nauwelijks tien kilometer van de grens met Myanmar en steken met een kleine boot de rivier over naar Huay Pu Keng. In dit houten dorp leven de Padaung of Long Necks. Zij maken deel uit van de verschillende bergstammen die zich over Noord-Thailand verspreiden. Ze vinden hun oorsprong in Myanmar, Tibet of China maar werden daar verdreven. Helaas krijgen zij ook in Thailand niet de erkenning of rechten die ze verdienen. Ze geraken niet aan een job, krijgen geen paspoort en leven gedwongen en verscholen in de bergen. 


Giraffevrouwen 

 

In Huay Pu Keng leven ongeveer 210 inwoners. Maar de langnekken zijn er ongetwijfeld de opvallendste figuren. De vrouwen dragen gouden ringen rond hun nek, armen en benen. Het lijkt daardoor dat hun nek uitgerokken wordt. Maar dat is niet het geval. De zware ringen drukken de schouders en sleutelbeenderen naar beneden en zorgen voor een optische illusie. Het ziet er vreemd en vooral lastig uit. Want sommige vrouwen dragen zomaar even acht kilogram rond hun hals. En die gewichten houden ze dag en nacht aan. Beeld je de workout maar eens in als je een paar keer moet bukken om iets op te rapen.  

 

Sommige vrouwen kunnen de ringen daardoor niet meer verdragen. Een oude vrouw toont de littekens op haar sleutelbeen. Door het jarenlange ritueel lijkt haar nek effectief langer dan normaal. De reden voor deze aparte levensstijl is nog altijd niet officieel vastgelegd. Sommigen beschouwen het als schoonheidsideaal of een teken van aanzien. Anderen beweren dat de traditie is gestart ter bescherming van tijgeraanvallen in de nek. Wereldwijd gaan stemmen van vernedering en mishandeling op, maar wij ontmoeten Ma Pang die vol trots over haar ringen verteld.


Lady of the rings

 

Ma Pang is een goedlachse en innemende vrouw van 36. Ze draagt de ringen al meer dan dertig jaar en verzamelt momenteel drie kilogram rond haar nek. Iedere drie jaar voegen ze een nieuwe ring toe en het is haar persoonlijke keuze hoelang ze er mee doorgaat. Niets gebeurt onder dwang. Zo heeft haar dochter aangegeven dat ze het niet aangenaam vond en hebben ze zich daar probleemloos naar geschikt. Ma Pang vertelt het allemaal giechelend terwijl ze ons haar woning toont. Haar gastvrijheid en vrolijke lach geven ons een goed gevoel. Ze bevestigt ook dat ze, ondanks berichten van buitenstaanders, erg gelukkig is met haar leven in dit dorp.

 

We geloven haar. Het dorp straalt een enorm enthousiasme uit. De mensen lachen de hele tijd en begroeten ons vriendelijk. In de straat verkopen ze zelf gemaakte souvenirs maar dat doen ze zonder opdringerigheid. Mannen brengen lange bamboestokken naar het dorp en vrouwen knippen bruingedroogde bladeren op maat. Daarmee maken ze de daken van de huizen. Die moeten regelmatig vernieuwd worden want tijdens het regenseizoen houdt het weer hier flink huis.  Achter de hoofdstraat bezoeken we een school. De kinderen ravotten op de pleinen en beleven overduidelijk een zorgeloze jeugd. Hun enthousiasme is aanstekelijk en we genieten ervan om hen bezig te zien. 

 

Het leven gaat hier zijn alledaagse gang en als toerist val je nauwelijks op in het dorp. Het voelt hier authentiek aan en dat staat in schril contrast met de verhalen die je op het internet over deze bergstammen leest. Het zou voyeurisme zijn, een opgezette toeristenval of een menselijke zoo die commercieel uitgebuit wordt. Dat gevoel hebben we allerminst. Ik heb stammen in Zuid-Afrika bezocht waar de stamleden in spijkerbroek op hun brommer aankomen om dan te performen in een zogenaamde culturele show. Maar dat gevoel ligt mijlenver van mijn ervaring hier. Moderne middelen zijn compleet afwezig, kinderen lopen dagelijks school en de ontmoeting met Ma Pang in haar huis was oprecht. Dit was voor ons een topbeleving. En dan hebben we het niet eens uitgebreid gehad over de paradijselijke omgeving waarin dit dorp is gebouwd. 


Myanmar of Bi(e)rma

 

Ban Rak Thai is een andere interessante stop in deze groene Thaise uithoek. In dit dorp vol Chinese invloeden vind je een groot meer met daarrond luxueuze resorts temidden van theeplantages. Deze charmante plek ademt rust en gezelligheid. Amper twee kilometer verderop ligt de grens met Myanmar, het voormalige Birma. We parkeren Kamiel en krijgen toestemming van de soldaten om te voet verder te gaan. Het is bizar. Als Belgen hebben we normaal een visum nodig om Myanmar te betreden, maar hier wordt niet eens naar ons paspoort gevraagd. We bezoeken Kong Kung Mong, een jungledorp dat toebehoort aan de Shan bevolking. Zij leven hier afgescheiden van de wereld in een indrukwekkende natuur. Naast een tempel en een primitief ziekenhuis zijn er enkele kleine winkels. Daar verkopen ze opvallend genoeg uitsluitend alcohol en sigaretten. Voor frisdrank moet je ergens achterin het hok naar een verlaten koelbox zoeken. Met wat geluk vind je er een cola… tussen de rest van het bier.

 

We hebben nog heel wat kilometers voor de boeg en houden het bij een blitzbezoek. Maar terug aangekomen bij Kamiel, zijn we de sleutels plots kwijt. We doorzoeken alle broek- en rugzakken tevergeefs. Zenuwachtig en gehaast loop ik terug naar Myanmar waar ik onze route probeer te reconstrueren. Godzijdank vind ik de sleutel onaangeroerd op een bank bij de tempel. We hebben geen idee hoe hij daar is kunnen achterblijven, maar zijn vooral opgelucht dat we vanavond niet in deze jungle stranden.  


Allez Allez Kamiel

 

We scheuren opnieuw de bergen door en passeren verschrikkelijk steile stroken. Het hoogteverschil in de bochten is zo hallucinant dat we het gashendel van Kamiel volledig moeten opendraaien om vooruit te geraken. Dat willen we graag op video vastleggen. Dus maken we rechtsomkeer voor de opnames. We moedigen Kamiel luid aan terwijl hij zwarte rook uitpuft en ons de berg op trekt. We zijn enthousiast en verbaasd tegelijk. En dan slaan we een flater…

 

We beslissen terug te draaien en doen dat nota bene op het allersteilste stuk van de hele klim. Het is onmogelijk om een voet op de grond te krijgen en we raken uit evenwicht. We wringen nog even tegen maar stappen uiteindelijk in het diepe en kapseizen. Kamiel - Bye Bye Waarborg: 0-1. Eline valt achterover op haar rug en in mijn ooghoek zie ik haar twee benen ondersteboven naar me zwaaien. Zelf strompel ik een paar passen naar beneden maar blijf uiteindelijk overeind. Daar liggen we dan. In het midden van de weg en vooral halverwege een blinde bocht. We waren net voordien een vrachtwagen gepasseerd en hoorden hem in de verte aankomen. Dus haast ik me naar boven om het aanstormende verkeer te vertragen. Een Thaise motorrijder analyseert onze penibele situatie en neemt de taak van verkeersbegeleider over. 

 

Dat geeft me de kans om Kamiel naar de kant te begeleiden. Geschrokken en in paniek vergeet ik daarbij de motor stil te leggen. Dus zodra ik het zware gewicht probeer te tillen, schiet de motor vooruit. Ik probeer de rem te grijpen, maar kan het gevaarte niet stoppen. Kamiel vliegt weg en stuitert een paar keer over het asfalt. We leggen de motor stil, hijsen hem nogmaals overeind en houden de remmen dichtgeknepen opdat hij op dit steile punt niet nog eens zonder ons aan de haal gaat. Eline is gelukkig oke. De rugzak heeft haar val gebroken. Maar Kamiel likt zijn wonden. 

 

De spiegel is geschaafd en zijn flanken zitten onder de schrammen. Erger nog. Naast het zadel en bij het stuur merken we barsten op in de carrosserie. Kamiel - Bye bye Waarborg: 0-2. Dit hebben we niet al te best aangepakt. Trillend op onze benen stappen we terug op en rijden naar een veiligere plek. Daar maken we de weinig belovende balans op. Hoe moeten we dit verdoezelen? 

 

Vogels, vogels, vogels

 

We besluiten onze gedachten even te verzetten en doen dat bij de Tham Lod Cave. Daar zijn we getuige van een apart natuurverschijnsel. Tegen valavond komen honderdduizenden zwaluwen voor de ingang van de grot bij elkaar. Na een tijd zie je niets dan zwarte puntjes in de lucht. Ze maken grote cirkels en vliegen als in een trechter de grot binnen. Het spektakel duurt twintig minuten lang en zodra iedereen binnen is, is het tijd voor minstens evenveel vleermuizen om naar buiten te vliegen. Nooit eerder zagen we zoveel vogels bij elkaar.


Kamiel - Bye Bye Waarborg finale

 

Na een slapeloze nacht hebben we nog geen oplossing voor onze waarborg. We bestuderen de brommer nog eens goed en lijken steeds meer mankementen te vinden. Tot Eline haar foto’s er bij haalt en we nagenoeg alle beschadigingen daarop terug vinden. Dat wil zeggen dat niets van de schrammen of barsten door onze val zijn ontstaan. En dat is na zo’n spectaculaire tuimeling toch een wonder. De opluchting is enorm. Kamiel - Bye Bye Waarborg: 1-2. Enkel de gehavende spiegel is wel degelijk op ons conto te schrijven. 

 

We maken er een lange dag op de moto van. Onder een prachtige zon zoeven we door de bergen naar Chiang Mai terug. Daar focussen we op kleine garages langs de rand van de weg. We willen onze spiegelschade met wat schuurpapier camoufleren. Maar het Engels van de meeste Thai is qua niveau vergelijkbaar met ons Slovaaks en schuurpapier past niet in de beginmodule van gebarentaal. Maar gelukkig vinden we uiteindelijk een jongeman die ons begrijpt. We volgen hem naar een nabijgelegen garagist waar hij met een schuurmachine alle sporen weg freest. Kamiel - Bye Bye Waarborg 2-2. Onze gemoederen zijn bedaard en we zijn ervan overtuigd dat de verhuurder ons niets meer kan maken. Maar wanneer hij de ochtend daarop langskomt, controleert hij tot onze verbazing niet eens de staat van zijn brommer. Kamiel - Bye Bye Waarborg: 3-2. Zo komt er dan toch een goed einde aan een onvergetelijke zesdaagse door een prachtige Thaise provincie. 

 

Thaise rustdag om te lachen

 

We gunnen onszelf een rustdag. En hoe kunnen we die beter invullen dan met een Thaise massage. Geen enkele toerist ontkomt hier aan de lokale vorm van ontspanning en het aanbod is bijgevolg overweldigend. In die mate dat je er zelfs keuzestress van krijgt. Maar uiteindelijk belanden we in een salon met een verhaal. Want deze masseuses komen uit de gevangenis en hebben hun opleiding achter de tralies genoten. Als ex-gedetineerden is het lastig om opnieuw in de maatschappij te integreren. Dus zijn er in Chiang Mai massagesalons opgestart waar zij een tweede kans verdienen. 

 

We worden meteen hartelijk ontvangen en uitgenodigd voor een voetbad. Wie me kent, weet dat dit een gewaagde onderneming kan worden. De onderkanten van mijn voeten zijn zo gevoelig dat ik mijn lach en reflexen niet onder controle heb. Dus zodra de vrouw naar mijn voet grijpt, gier ik het uit. De masseuses weten niet wat hen overkomt en krijgen zelf de slappe lach. Met z’n vieren komen we minutenlang niet meer bij. In de kamer ernaast krijgen we vervolgens een kostuum aangemeten. Dat lijkt, om in het thema te blijven, als twee druppels op een gevangenisoutfit. De vrouwen gunnen ons wat privacy en komen na vijf minuten even controleren of alles gelukt is. We verdrinken in de broek, het hemd is tien maten te groot en als klapstuk hebben we ze achterstevoren aan. Dus proesten de vrouwen het uit en zijn we aan een nieuwe lachbui begonnen.

 

Met een ongekende vrolijkheid starten we de massage. De temperatuur, de spanning en de slappe lach doen ons flink zweten. Dus gaat de airco in de ruimte iedere vijf minuten wat harder tekeer. De voeten blijken ook hier een belangrijk onderdeel van het gebeuren en op die manier raken we maar niet uit onze lachbui. Nochtans voelt niet alles even ontspannen aan. Hun ellebogen gaan diep in onze spieren en de vreemdste houdingen testen onze flexibiliteit maximaal. In mijn ooghoek zie ik Eline heen en weer vliegen. Voor haar eerste massage ooit kan dit tellen. Soms doet het zelfs echt pijn. Maar zodra we wat stiller worden, kriebelt de bandiet even aan mijn voeten om iedereen weer volledig plat te krijgen. Deze massage mondt uit in een soort van lachtherapie. De receptioniste bevestigt achteraf dat ze nooit eerder zo’n gelach uit de massageruimtes heeft horen komen. De intensiteit en de regelrechte aanval op onze spieren brachten misschien niet altijd een ontspannen gevoel, maar we hebben ons dan toch op zijn minst kreupel gelachen. 

Kung Hei Fat Choi 

 

Gelukkig nieuwjaar! Jawel. Het is reeds eind januari maar de Chinezen beginnen vandaag pas hun Jaar van de Rat. De festiviteiten in China mogen door het oprukkende coronavirus dan wel gefnuikt zijn, in Chang Mai gaat hun nieuwjaarsprogramma ongestoord door. We nemen een kijkje op Wororo Market in Chinatown. Daar is iedereen bij elkaar gekomen voor de drakendans. Grote trommels geven het ritme aan waarop welgeteld 16 jongeren de lange draak ritmisch in bochten kronkelen. Mensen proppen geld in zijn bek en verjagen de draak. Die kan volgens de legende niet tegen lawaai of de kleur rood. Dus is het net datgene dat de straten hier vult. Het is de eerste keer dat we een draak zien dansen en zijn zonder twijfel gecharmeerd door het enthousiasme. 

 

Tegen de avond gaan we nog een tweede keer naar Chinatown terug. In een donkere straat botsen we op een grote groep mensen. Een man schreeuwt onverstaanbare dingen in een microfoon. Nieuwsgierig sluipen we dichterbij. Om dan geschrokken terug te deinzen. In het midden van de weg ligt een meterslange, dikke slang. Die hebben ze zonet gevoederd en we zien de inhoud traag door het lichaam bewegen. De mensen zijn duidelijk niet bang en kijken vanop nauwelijks een halve meter toe. De slang is zo dik dat onze twee handen er onmogelijk rond kunnen. Dus nemen we vooral zo snel mogelijk onze twee benen en gaan ervandoor. 


Chiang Mai’s got (no) talent

 

Op het Chinese feestpodium is intussen een talentenjacht gestart. Kinderen voeren dansjes op, goochelen of zingen een lied. Waar we de eerste acts leuk en schattig vonden, kregen we het nadien bij gebrek aan variatie en originaliteit eerder op onze heupen. Want je arm drie keer heffen is geen uitzonderlijk talent en schreeuwen klinkt nog net iets irritanter dan vals gezang. Helaas ziet Chiang Mai nogal veel talent in zijn plaatselijke jeugd. Niet minder dan 80 acts hebben zich ingeschreven. De uren gaan voorbij en het jaar is al aan zijn tweede dag begonnen als we eindelijk krijgen waarvoor we waren gekomen: de spectaculaire leeuwendans.

 

Met harde slagen trommelen ze iedereen terug wakker. Ontblote jongens maken oerwoudgeluiden en lopen wild om zich heen. Tot er eentje door een pijl getroffen wordt en ter plekke neergaat. Dat is het moment waarop de leeuw zijn opwachting maakt. Twee acrobaten zitten verstopt onder een kostuum. Dat lijkt zelfs met halve slaapogen niet op een leeuw, maar is desondanks toch knap gemaakt. Hij is groot, kan zijn mond en staart bewegen en knippert zelfs met zijn ogen. Opgejaagd springt de leeuw op hoge palen boven de grond. De jongens steken elkaar in de lucht waardoor de leeuw op zijn achterpoten lijkt te staan. Vervolgens springen ze van paal tot paal en dansen uitbundig. Hun coördinatie is bewonderenswaardig en hun optreden is verbluffend. De Chinezen aarzelen niet om de bek van de leeuw vol geld te proppen. De leeuw staat symbool voor geluk en daar wil iedereen het komende jaar mee van genieten. 

 

Tenslotte buigt de leeuw zich over de getroffen jongen. Als bij wonder slaagt hij erin om hem terug tot leven te wekken. Maar dan is het tijd voor de grote finale. In het midden van het publiek stellen ze een torenhoge paal op. Jongeren klimmen naar boven en maken zich vast met hun broeksriem.  Tegelijkertijd verschijnt de draak terug ten tonele. Kronkelend draait hij zich rond de hoge paal naar boven en terwijl hij zijn hoofd wild heen en weer slaat, knettert vuurwerk uit zijn bek. We staan vlakbij en gensters vliegen op onze hoofden. Veilig is iets anders, maar toch vergapen we ons aan dit spektakel. De show duurt bijna een uur, maar onze lyrische gesprekken gaan nog veel langer door. 


Chiang Rai: amai amai

 

Chang Rai wordt onze laatste Thaise stop. Met de fiets rijden we naar de Witte Tempel. Die dateert uit de jaren negentig en is nog lang niet af. Vooral doordat de bedenker vasthoudt aan zijn eigen principes en indeling. Daarom weigert hij alle hulp en sponsoring van de overheid. Hij wil zijn verhaal vertellen zonder dat iemand hem daarbij in een bepaalde richting dwingt. Het concept slaat aan. Deze tempel is een juweel. Maar vooral de betekenis erachter is uniek. Voor het hoofdgebouw spelen zich griezelige taferelen af. Handen steken uit de grond en dragen schedels en doodskoppen. Via een brug kan je van hieruit naar de feitelijke tempel geraken alsof je in het leven eerst door een hel moet gaan om de hemel te kunnen bereiken. 

 

Het geheel zit vol details en is hagelwit. Zo fel dat je zonder zonnebril de ogen moet dichtknijpen. Maar die trek je binnen in het gebouw ver open. Want daar wacht je een ware verrassing. Uiteraard lacht een grote boeddha je toe, maar de aandacht wijkt snel naar de muurschilderingen. Pikachu, de Twin Towers, Michael Jackson, Harry Potter, de Hulk, … Het zijn niet de meest verwachte figuren die je hier treft. Wat een uniek concept. Het tempelcomplex zou volgens berekeningen pas tegen 2070 volledig af geraken, maar geldt ongetwijfeld nu al als een verplichte stop bij een doorreis.


In Buddha’s hersenpan

 

We fietsen een twintigtal kilometer over de snelweg naar de andere kant van de stad. Een klim van enkele kilometers bijt flink in onze kuiten en als toemaat mogen we ook nog een lange trap beklimmen om uiteindelijk bij een reusachtige witte boeddha aan te komen. Het bouwwerk op de heuvel is enorm en al snel wordt duidelijk dat het alle moeite waard is. We voelen ons erg klein tegenover deze mastodont, maar zullen daar snel verandering in brengen. Want met een lift kan je hier in een handvol seconden naar de 26ste verdieping stijgen. We verheugen ons op een prachtig vergezicht, rechtstreeks vanuit de hersenpan van deze gigantische buddha. Maar als de liftdeuren zich openen, staan we met onze mond vol tanden. 

 

Geheel onverwacht stappen we uit in een wit decor vol sculpturen. Draken, beren, mensen en dieren kijken ons aan onder een plafond van juwelen. We kijken door de ogen van de buddha naar de prachtige omgeving rond Chiang Rai en staan versteld van deze attractie. We moeten dit bezoek even laten bezinken op een nabijgelegen terras. Want deze plek heeft veel indruk gemaakt. Vol adrenaline rijden we verder naar een laatste stop die ons een derde keer in één dag zal verrassen: de Blauwe Tempel.


Buddhasmurf

 

Ook deze plek kent zijn gelijke niet. De muren van de grote tempel zijn donkerblauw en afgewerkt met glinsterend goud. Rondom het gebouw vind je ontelbaar veel figuren die om ter mooist geschilderd zijn. Het is niet enkel de tempel, maar het hele complex dat ons met verstomming slaat. Ook binnen in de tempel hebben ze alles prachtig blauw gesmurft. Zelfs de grote, centrale buddha krijgt een blauwe schijn op zijn wit karkas. We zien de zon hier zacht ondergaan en hadden geen beter einde kunnen bedenken voor onze reis door het noorden van Thailand. 


 

In dertig dagen tijd zijn we vanaf Bangkok naar het noorden van Thailand getrokken. Een land dat ons in al zijn facetten heeft verrast en waar geen enkele dag zonder verwondering passeerde. Van de veelzijdige hoofdstad naar het oorlogsverleden van Kanchanaburi, langs eeuwenoude boeddhabeelden in Sukhothai naar de hedendaagse ladyboygeneratie van Chiang Mai en door de natuurschone Mae Hong Son provincie tot bij de onovertroffen tempels van Chiang Rai. We hebben geleerd, ontdekt, geproefd, ontmoet, gedanst, gelachen en onszelf vooral herinneringen voor het leven bezorgd. Dank u wel, Thailand!

Reactie schrijven

Commentaren: 1
  • #1

    Viviane (zondag, 08 maart 2020 16:40)

    Weerom mooi verhaal en prachtige foto's, vooral de witte tempel lijkt mij spectaculair.
    Kijk al uit naar het volgende verhaal! xx